Kees en Marianne: van kale tuin naar groene oase met insectenmuur
Wie wel eens langs de Oude Bennekomseweg fietst, kent de witte villa Oase waarschijnlijk wel. De naam van dit bijzondere huis was jarenlang wat misleidend, want de tuin was geen oase, maar een grasveld met grind. Kees en Marianne besloten het anders aan te pakken. Samen met een ontwerpbureau en hovenier veranderden zij hun tuin in een groene, insectvriendelijke plek vol leven. Met als opvallend middelpunt: een enorme insectenmuur.
Een tuin die past bij de plek
Toen Kees en Marianne villa Oase kochten, was het huis al grotendeels opgeknapt door een aannemer. Maar rondom het huis was nog veel werk te doen. Marianne wilde graag een natuurlijke tuin met ruimte voor insecten, vogels en hun eigen gezin, inclusief hun vrolijke labradoodle. Samen met ontwerpstudio Audal gingen ze aan de slag. De ontwerpers verdiepten zich ook in de geschiedenis van het huis, dat in 1928 werd ontworpen door architect Gerrit Feenstra in de stijl van het Nieuwe Bouwen. Marianne: “De tuin moest het huis versterken.”
Dat zie je terug in de strakke lijnen, de gemetselde bakken en het hergebruik van materialen uit de oude tuin. Ook de planten zijn zorgvuldig gekozen. De ontwerpers kozen soorten die passen bij de Gelderse Vallei en de Veluwe, de twee landschapstypen die hier samenkomen. De hoogteverschillen in de tuin zorgen voor microklimaten en genoeg ruimte voor regenwater. Zo groeit de tuin langzaam uit tot een levendig ecosysteem.
Een muur voor insecten én rust
Maar de grootste blikvanger in de tuin is zonder twijfel de insectenmuur. Het idee ontstond vanuit meer wensen tegelijk: meer biodiversiteit, meer privacy en minder geluid van de weg. “Hier stond eerst een houten schutting,” vertelt Marianne. “Niet per se lelijk, maar ook niet groen of bijzonder. Op internet zagen we voorbeelden van grote insectenmuren, bijvoorbeeld bij Apenheul. Dat leek ons ook wel wat.” Samen met de ontwerpers en met hoveniers van De Driesprong bedachten ze een insectenmuur die zorgt voor privacy en biodiversiteit.
Een hele klus, vertelt Kees. “Het bleek best lastig om de insectenmuur van twee meter hoog stevig te krijgen. Hij is nu 30 centimeter diep, maar eigenlijk was 40 centimeter handiger geweest. Dan is hij net wat stabieler. Maar zo is het ook gelukt.” De constructie bestaat uit betonnen palen waar halve houten stammen tegenaan geplakt zijn. “Het frame is echt het belangrijkste,” zegt Kees. “Daar moet veel stevigheid in zitten. Daarna begint juist het leuke werk: het vullen.”
Buren leverden stenen aan en delen van het oude muurtje uit de tuin werden hergebruikt. Ook boomstammen, bamboe, kleine takjes en oude dakpannen kregen een tweede leven in de muur. Kees lacht: “Het vullen was nog best lastig, want je wilt een mooie verdeling van hout en stenen, zonder dat het rommelig oogt. “Het moest een soort geordende chaos worden,” zegt Marianne. “Het houten kader rondom de muur zorgt voor stevigheid en strakke lijnen.”
Meer leven in de tuin
De insectenmuur staat niet op zichzelf. Marianne: “Het gaat erom dat je voedsel, beschutting en water combineert.” Daarom is de hele tuin ingericht om biodiversiteit te versterken. Zo kwamen er naast veel inheemse planten ook bloemrijk grasland en een waterschaal voor insecten en vogels. De waterschaal wordt gevuld met water uit de regenpijp. Ook de parkeerplaatsen werden vergroend met grasbetonstenen, zodat regenwater beter de bodem in kan zakken.
De tuin is nog jong, maar de reacties uit de buurt zijn heel positief. Mensen blijven even staan of spreken Kees aan, als hij in de tuin werkt. “We kregen zelfs een lief kaartje in de bus van iemand die hier elke dag langsfietst,” vertelt Marianne. “Die vond het prachtig om te zien hoe de tuin veranderde.” Ze vervolgt: “Je merkt pas hoeveel leven een groene tuin brengt als je het eenmaal hebt gedaan. En als meer mensen kleine groene plekken maken, helpen we samen de natuur een beetje vooruit.”
Ontdek wat je zelf kunt doen in de Boeren Bijen Oase
Wil je zelf ook aan de slag met een tuin die fijn is voor jezelf én voor insecten? Aan de rand van Ede, bij landgoed Kernhem ligt de Boeren Bijen Oase: een speciaal stukje natuur voor wilde bijen en andere bestuivers. Hier ontdek je welke bijen er in de omgeving leven, en wat je voor ze kunt doen. Zelfs in je eigen tuin!