Alternatieven voor aardgas

Er is een aantal duurzame alternatieven (zonder aardgas) om te verwarmen.

1. Het groene warmtenet

Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond waardoor warm water stroomt. Dat warme water wordt gebruikt om huizen te verwarmen. Dus voor de verwarming via de radiatoren of vloerverwarming en voor warm tapwater om te douchen en voor in de keuken. In Ede ontvangen zo al 7.000 woningen en een groot aantal andere gebouwen groene warmte in plaats van aardgas. Het warmtenet geeft warmte van verschillende bronnen. Er is begonnen met regionale biogrondstoffen en er wordt in de toekomst uitgebreid met restwarmte van de Edese industrie, collectieve zonnewarmte en aardwarmte uit Ede. Ook toekomstige duurzame bronnen kunnen worden aangesloten op het groene warmtenet, waardoor de warmte die afnemers ontvangen steeds duurzamer wordt.

2. Elektrische oplossingen

Je kunt ook elektrisch verwarmen. In de meeste gevallen gaat dit met een warmtepomp. Een warmtepomp is een elektrische vervanging voor je cv-ketel. Eigenlijk is een warmtepomp een soort omgekeerde koelkast die je huis verwarmt met een lage temperatuur. Een warmtepomp onttrekt warmte uit de buitenlucht, bodem of grondwater en gebruikt die warmte voor verwarming en warm water. Een warmtepomp is efficiënt omdat hij weinig elektriciteit gebruikt om je huis. In combinatie met groene stroom is het een heel duurzaam alternatief voor aardgas. Omdat het met lage temperaturen werkt, is het wel heel belangrijk dat je huis goed geïsoleerd is en de warmte makkelijk verspreid kan worden, bijvoorbeeld door middel van vloerverwarming. Als je je eigen stroom opwekt met zonnepanelen, kun je met een warmtepomp zelfvoorzienend zijn op het gebied van energie.

3. Groen gas/hernieuwbaar gas

Groen gas is een alternatief voor aardgas omdat het duurzaam gas is. Groen gas is echter maar beperkt beschikbaar. De meest gebruikte vorm van groen gas is biogas. Er zijn ook nieuwe vormen van groen gas in ontwikkeling: synthetisch gas en waterstof. De verwachting is dat die pas ná 2030 een rol gaan spelen in het aardgasvrij maken van Nederland en bovendien beperkt beschikbaar zullen zijn voor woningen.